meer
Generation XIII Community XIII Up-to-date blijven? Vacatures Contact
Ludo Driesen overleden op 74-jarige leeftijd Club 19 dec Beerschot in diepe rouw na overlijden van vriend en legende van de club, Ludo Driesen.
Niet alleen figuurlijk maar ook letterlijk woonde hij heel zijn leven - vanaf zijn geboortejaar 1951 - in het appartement in de buik van de grote tribune: laatste trappen naar boven, deur recht voor u. Vader Fons was de man die vanaf eind jaren 40 de taken van conciërge en materiaalman cumuleerde. Hij en hij alleen had de sleutels van het stadion en was verantwoordelijk voor het openen en sluiten van de grote poort... maar ook voor het oppompen van de ballen, het kuisen van de kleedkamers, het vervangen van kapotte lampen, het onderhoud van de grasmat, noem maar op. Alles eigenlijk. In 1973 werd Fons ziek en nam Ludo al die taken van zijn vader over. Eerst als tijdelijke vervanger, liet het toenmalige clubbestuur weten, maar al snel werd dat tijdelijk "voor goed"... en zodoende bleef hij tot de dag van vandaag officieel de conciërge van Beerschot. 52 jaar, alstublief! Een diepe buiging en eeuwig respect zijn dan ook aan de orde. 

De Ludo was niet alleen de conciërge maar ook het gezicht van het Olympisch Stadion. Hij kende er de verdoken hoekjes, alle binnenwegen, wist waar de leidingen van gas, water en elektriciteit zich bevonden en bij welke lichtschakelaar de desbetreffende lampen aanfloepten. Een manusje van alles, een kerel met een echt, onvervalst en energiek Beerschothart. Ludo bleef bij dit alles het liefst in de schaduw. Hij meed de schijnwerpers, werkte het liefst in de luwte, was iemand die vooral observeerde. "Geen (of toch weinig) woorden maar daden", dat was zijn motto. "Ik werkte veel en vaak samen met Joske, met wie ik goed overeenkwam, alleen was Joske iets extraverter", zei hij met het understatement der understatements.

Hij was tevens de barometer van onze club, wist wat de supporters voelden en nodig hadden. Zo besliste hij in 2013 bij het faillissement, toen het definitieve einde nabij leek, om de hermetisch gesloten ingangspoort toch te openen voor de fans, zodat die als afscheid nog even konden rondkuieren op de Olympische grasmat. Of in de jaren 90, wanneer de club via manager Jaak Pellens, bij de Voetbalbond op de valreep de schulden ging betalen en zo het bestaan van stamnummer weer enkele maanden kon rekken, was Ludo de man die in het midden van de dag keiluid het clublied door de boxen van het stadion deed galmen om zo iedereen op het Kiel en omstreken te melden dat Beerschot (weer eventjes) gered was. Dat was Ludo ten voeten uit. Een (h)eerlijke kerel.

Met Ludo Driesen verliest Beerschot een icoon, een onvervangbare medewerker, een mooie mens, één van de laatste der Kielse mohicanen. Hij zal in het Olympisch Stadion een grote leemte nalaten op menselijk en organisatorisch vlak, maar zijn nalatenschap staat pal overeind en zijn clubliefde blijft tot in de eeuwigheid legendarisch. Laten we samen de vele mooie momenten van en met "de Ludo" koesteren. Met echte tranen van weemoed en verdriet maar ook met trots en dankbaarheid voor wat hij voor Beerschot heeft betekend. We gaan je verdomme missen, Ludo. En nog geen klein beetje.
Bij dit afscheid sturen we Fabienne, zijn stiefzoon, familie en vele vrienden onze oprechte blijken van medeleven en wensen hen veel sterkte.

Rust in vrede Ludo.

Teskt: Danny Geerts.
Ludo Driesen